Het geslacht Vedder van Havelte    naar basispagina       
Onderstaande genealogie is samengesteld door mevr. Span-Vedder

 
Generatie I

 I.1    Hendrick Jans Vedder, landbouwer, geb. circa 1570.
Genoemd in 1630 bij de impost op het gemaal met sijn sone en de soons wijf ende vijff kinder. De familie woonde in buurtschap Hesselte in de gemeente Havelte.
Kind:
   1.  Jan Hendricks Vedder (zie II.1).

Generatie II
 
II.1    Jan Hendricks Vedder, landbouwer, geb. circa 1600, overl. circa 1665 te Hesselte, zn. van Hendrick Jans Vedder (zie I.1).
Tr. kerk circa 1624 Albertien Jansen, overl. circa 1665 te Hesselte.
In febr. 1642 wordt Jan aangeslagen voor de grondschatting voor f 4515. Hij had 14,5 mud bouwland, 5,5 dagmaat hooiland en een waardeel in de marke.
In 1652 ligt hij in de clinch met Luytenant Jan van Benthem van wie hij turfland had gekocht en volgens de laatste moest hij nog 30 daler 10 st. betalen.
In 1661 verkopen Jan Hendricks Vedder Tyen en Albertien, echteluyden, met hun zoon Hendrick Jans Vedder een half mudde bouwland op de Braecke gelegen aan Jan Snoeck Benthem en zoon Luytgen Benthem.
Uit dit huwelijk:
   1.  Hendrick Jansen Vedder, geb. circa 1625 te Hesselte, overl. 1682 te Steenwijk.
   2.  Arent Jansen Vedder (zie III.2).
   3.  Aeffyen Jans Vedder, geb. circa 1629 te Hesselte, begr. op 07-10-1701 te Suytveen.
Tr. kerk op 04-02-1655 te Steenwijk Jan Andries, afk. van Suytveen.
   4.  Herman Janse Vedder (zie III.6).
   5.  dochter Vedder (zie III.10).
   6.  Frerickjen Jans Vedder, geb. circa 1635 te Hesselte.
Tr. kerk op 06-02-1667 te Steenwijk Cornelius Deutelius, Th. Candidatus en koster te Steenwijk van 1666 tot 1710, geb. circa 1636, begr. op 19-01-1710 te Steenwijk.

Generatie III

 III.2    Arent Jansen Vedder, landbouwer/bakker, geb. circa 1627 te Hesselte, overl. 02-1676 te Steenwijk, zn. van Jan Hendricks Vedder (zie II.1) en Albertien Jansen.
Tr. kerk op 13-04-1647 te Amsterdam Annaken/Annegien Hendricks, overl. 03-1678 te Steenwijk. Zij is afkomstig van Wesel.

In 1647 is Arent met echtgenote met attestatie in Steenwijk gekomen. Hij was diaken in 1656, 1657, 1658 en 1662. De familie woonde aan de westzijde van de markt in huis en stede welke zij op 11-1-1653 hadden gekocht. Ze betaalden eerst belasting voor 1 schoorsteen later voor 2 en voor een oven. In 1650 betaalt Arent Jansen backer voor de cleyne burgerschap 25 goudgld en in 1655 nogmaals 25 goudgld voor de grote burgerschap. Mogelijk was Arend een nogal controversieel figuur; in de periode 1652-1675 vinden we ca 16 kwesties in de archieven over afdrachten en betalingen van accijnzen en andere problemen bij verkoop en levering van goederen.
In 1652 beschuldigen de pachters van de bieraccijns hem ervan dat hij meermalen bieren heeft "ingelecht ende geconsumeert" zonder dit aan te geven en de accijns daarop te betalen. In hetzelfde jaar beschuldigt Claes Jacobs van Runerwolt Arent ervan dat hij een mud rogge "vercijset" had, dwz ongeoorloofd van de molen heeft gehaald en thuis geconsumeerd. In 1654 beschuldigen de pachters van het gemaal hem ervan dat hij 4 mud rogge naar de molen zond, waarvan maar voor 2 belasting was betaald. Volgens Arent waren deze 2 mud van mensen buiten de stad en niet van hem. In 1655 heeft Arend Janssen Vedder als een van de 6 keurmannen uit de Westerklucht een zwarte boon getrokken en wordt dus niet als lid van de magistraat beedigd. In 1656 beschuldigt Jan van Norden Arent backer ervan, dat hij de bloedrode pink van hem met zijn eigen oormerk heeft gemerkt, uit de weide heeft gehaald en op zijn stal heeft gezet. In 1665 beschuldigt mulder Afke Harms dat Arent twee keer weyte en rogge naar de molen heeft gestuurd zonder de verschuldigde accijns te betalen. In 1668 eist Arent 18 gld 10 st. van Bartolt Jans voor 15 geleverde broden. In 1669 lenen Arend en Anneken 1000 car. gld van Egbert Arens banckholder met als onderpand hun huis aan de markt. In 1674 beschuldigen de pachters van het gemaal Arent van 4 schepel meel de accijns niet betaald te hebben. In 1674 beschuldigt de Heer van de Ese Arent backer ervan dat hij een gestolen bed heeft en eist het terug. Arent zegt dat hij dat wel wil doen, maar 5 gld 12 st wil ontvangen, waarvoor zijn vrouw het had gekocht om het voor de eigenaar te bewaren want anders hadden de soldaten (van de Bisschop van Munster) die er mee uit het huis van Jan Smeenge kwamen, het verbrand. In hetzelfde jaar eist Wicher Henrix Boll dat de kooppenningen ten bedrage van 186 car. gld 13 st. door Arend betaald worden wegens verkocht land. Eveneens in 1674 wederom een meningsverschil tussen Arent en de pachters van het gemaal over mogelijke bedriegerij van Arent met koren. In 1675 problemen tussen Arent en Jochem Ram over betaling van landhuur. Ook in 1675 beschuldigen de broodwegers Arent ervan onbruikbaar meel te hebben gebruikt voor broden voor de armen. Vervolgens eist Geert Alts 50 gld huur van 2 jaar van Arent voor een schuur, maar hij zegt dat in de Bisschopstijd daar 5 paarden in waren gestald die alles geruineerd hadden, zodat hij er geen vrij gebruik over heeft gehad.
1675. Hoofdgeld/Vuurstedegeld. Arent Vedder (wedu) 500.
Op 22-1-1676 laten Arent Jansen Vedder en Annekien Hendricks hun testament opmaken: zij legateren aan hun kinderen Hendrick Arents, Jan Arens, Frerick Arens en hun jongste dochter Eva Arents. Echter ten aanzien van dochter Aeltjen is er een uitzondering: "Sullende Aeltien Arents wegens haer vaderlijcke goet omdat sij hem qualijck bejegent heeft en tegens sijn sin en wille getrouwt is aen eenen Bisschop en sal sij moeten affstaen met hondert en vijftigh car. gld.". De oudste zoon Hendrick krijgt nog wegens zijne gedane diensten 300 car. gld en "nae onse dootlijcke affganck aen de armen van Steenwijck elck 25 car. gld". In 1678 worden deze 50 gld door de kinderen overgedragen aan de aalmoesenier Jan M. Smeenge.
Arent pachtte regelmatig landen van de stad, het Capittel en het Gasthuis. Zijn broer Harmen was dan meestal borg voor hem en omgekeerd was hij borg voor Harmen.
Uit dit huwelijk:
   1.  Aeltje Vedder, geb. circa 1648 te Steenwijk, begr. op 09-10-1727 te Steenwijk. Aeltje werd lidmaat op 13-10-1666.
Tr. kerk 1675 te Steenwijk Joost Hendriks Greven/Greeff, geb. 1655 te Steenwijk, begr. op 22-07-1722 te Steenwijk. De familie woonde op de Corte Woltstraete te Steenwijk.
Joost werd door zijn schoonvader "enen Bisschop" genoemd; waarschijnlijk heeft Joost in de Munsterse oorlog (1672) de zijde van Bommen Berend gekozen. Dat zal mede de redenen zijn geweest om Aeltjen te onterven op haar legitieme portie. Joost zal een heetgebakerd figuur zijn geweest; zeker 10 keer komt hij voor bij ruzies en vechtpartijen: in maart 1676 heeft Joost "seer grote moetwille gepleegd ten huse van coster Cornelius Deutelius (een oom van Aeltjen) en noch groter faulen bedreven ten huse van sijn schoonmoeder met dreigementen, messen trecken, coopmanschappen en waren om te smijten". In hetzelfde jaar hebben Joost en Jan Gerrits van Runerwold elcanderen geslagen daechs nae Dievender merckt. In 1677 hebben Joost en Jochem Cavehoor elckanderen geslagen bij Berent Brouwer. In 1680 heeft Hendrick Gerrits van der Steen geclaeght dat Andries Bosch en Joost Greven hem in zijn huis hebben gewelt gedaan en hem gegrieft met een vorcke en een gat in het hoofd geslagen. In 1682 lenen Joost en Aeltjen 266 car. gld van Henric Jansen Vedder en Jan Andries (beide ooms van Aeltjen). Van dit geld kopen zij een huis, schure, stede en hoff aan de Achter Woltstraete. Ook in 1682 hebben Joost en Jantien Wijben soon malcander geslagen op de Steendijck en heeft Joost op Steenwijckerwold Jan Smidt de Cuyper deerlijck bond en blauw geslagen. In 1686 was Joost getuige van een vechtpartij maar wilde bij de Magistraat geen openinge van de saecke geven: "Waer op hij eyndelijck buyten de Raetkamer staende in hevigen gemoede is komen lopen bij de Magistraet raesende en scheldende en tegens deselve seggende, al waert gij de Duyvel off 'n moer, soo sult gij het uyt mij niet krijgen, hetselve veelmael repeterende, tastende in sijn beyde sacken, waerop hij naar de gijselkamer werd gebracht, dewelcke daerop sijnde aenstonts sigh vuyl heeft aengestelt, vloeckende en tierende op de Magistraet, slaende met een holt de glasen en ramen op de gijselkamer in, alsoo dat men voor meerder swaerigheydt vreesde, waerop men hem heeft doen brengen inde kouwe". Joost belooft beterschap en zal alle schade betalen en de zaak is hiermee afgedaan. In 1688 gaat het weer mis, Joost Andries Bos wordt in zijn huis met een speer geslagen. In 1689 hebben bij avont Joost en Hans Veneman malkanderen geslagen. In 1695 maakt Joost ruzie bij het groevebier van Wubbe van Ruinerwolt ten huize van vrouw Wijnholts en tenslotte in 1701 heeft Joost Greven Jacob Assies voor de beck geslagen en het mes op hem getrocken ten huise van Jan Vedder bij nacht.
   2.  Hendrik Arents Vedder (zie IV.3).
   3.  Johannes/Jan Vedder (zie IV.4).
   4.  Eva Vedder, geb. circa 1655 te Steenwijk, begr. op 21-11-1706 te Steenwijk.
   5.  Frerik Vedder, geb. circa 1658 te Steenwijk, begr. op 19-02-1715 te Steenwijk.
In 1666 heeft het zoontje van Arend Jansen Vedder (waarsch. Frerick) bij de oliemolen op de Meenthe een schot hagel in z'n gezicht gehad. Dit zou Roloff van Pesse, de knecht van Harmen Jansen Vedder, met zijn roer gedaan hebben: "Och wat heb ick gedaen en datt hij Roloff tot an den avont vertoeffde in de olymole beklagende verscheyden malen zijn feyt, seggende ick durve onder mijn vaders ogen niet coemen".
Belijdenis met Kerstmis 1678.

III.6    Herman Janse Vedder, landbouwer/bakker, geb. circa 1631 te Hesselte, overl. circa 1674 te Steenwijk, zn. van Jan Hendricks Vedder (zie II.1) en Albertien Jansen.
Tr. kerk (1) op 25-10-1657 te Steenwijk Grietje Martens Smeenge, overl. circa 1661 te Steenwijk, dg. van Marten Pieters Smeenge.
Otr. (2) op 10-09-1665 te Steenwijk, tr. kerk op 30-09-1665 te Steenwijk Hilletie Roelofs Santing, overl. aan de pest circa 1669 te Steenwijk.
In 1655 heeft Herman Jansen Vedder de kleine burgerschap gewonnen en de eed gepresteerd en de thesaurier 25 car. gld betaald en in 1667 kreeg hij het recht van de grote burgerschap door betaling van 35 car. gld.
In 1655 wordt Herman door de pachters van het gemaal beschuldigd dat hij 1 mud rogge naar de molen had gestuurd zonder daarvoor de accijns te betalen. Echter de rogge was van 2 andere personen en werd hij later in het gelijk gesteld.
Op 29-12-1658 laten Herman en Grietjen Smeenge hun testament opmaken. Grietje ligt cranck te bedde. De legitieme portie van Herman gaat naar zijn ouders en Gretien vermaakt de hare aan haar moeder Mettien Lubberts. Haar kleren en lijfstoebehoren gaan naar haar zusters.
In 1659 zijn er wederom problemen met de pachters van het gemaal over de accijnsen van 1 mud rogge.
In 1664 wordt Herman gekozen tot aalmoezenier en een jaar later eist hij 11 gld van Lambert Engberts voor een verkocht varken.
In 1669 is de overdracht van een in 1664 gekocht huis en schuur aan de noordzijde van de Oosterstraat.
En in datzelfde jaar verklaart Herman tot zijn erfgename zijn dochter Albertien bij zijn zaliger huisvrouwe Hilleken Roloffs Zanting in echte gekregen. (Dit testament is opgemaakt voor het venster op de plaatse van het huis met de droevige sieckte der pest besmettet).
In 1673 beschuldigt Hendrik Hulsebos Herman ervan dat hij een vat zeep heeft ingeslagen zonder er de accijns over te betalen.
In 1675 worden tot mombaren over de ouderloze Albertjen aangesteld Roloff Smeenge en Henric Jansen Vedder.
In december 1680 wordt er een inventaris van de goederen van Albertjen Vedder opgemaakt door de mombaren:
De merckiste met Spaanse matten en Bisschopsgelt, een doossien met een dubbelde golden hoeprinck en noch een golden rosies rinck, noch een golden rinck met steentien, noch 2 golden pendanten, in een coralen boersien een golden ducaton, een olde enckele daelder, een grote huisbibel, een kerckbibel met silver beslach, een testament met silver beslach, 37 silveren hemtrocqknopen, een silveren oorijser, 2 silveren hechten messies, een gordel met een silver kettenkien, een silveren haernaelde, 6 silveren lepels, een silveren kinderbelle, een silveren beker van omtrent een mengelen, een swarte heren saijen schorte, een root onderstuc van korsey, een swarte sijden schorteldoec, een swarte grofgreenen rock, een blaeuwe laeckens rock, 2 stuckies wit doec 56 elle, noch 2 elle wit doec, een kussensloop vol cortgoet, 19 servetten, 2 taeffellakens met een groot taeffellaken, 2 hoofftkussens met slopen, 6 witte schorteldoecken, 17 beddelakens, 4 katoenen kinderdoecken, een lappe wit doec 3 elle, een mans hempt, 5 vrouwen hemden, 7 paer kussenslopen. Noch isser een wagenschotten kaste die noch int huis in de Oosterstraete staat voort kind beholden en daarin bevonden:
Een bedde met een puel en 2 hooffkussens en een sloop, een packien linnen en 3 cleyne kestkers solden den quartiermeester van Grevesteins toecomen, een dose met brieven en obligatien als volcht: een testament tusschen Harmen Vedder en zijn eerste vrou Gretien Smeenge, een maechscheydinge tussen Harmen en sijn schoonmoeder Mettien Lubbers zal., noch 2 huwelexe vorwaerden van zijn beyde zal. huisfrouwen, een overdracht van huis en schuur in de Oosterstrate, een paar overdrachten van stukken land, een 16-tal rentebrieven en obligaties, een huircodiele van het huis in de Oosterstrate alles in totaal waerdich 1190-0-0, noch een brieffien van een begraffenisse in de grote kercke met een serke daerop. Vervolgens zijn er nog ca 25 schulden aan diverse personen.
In 1683 verklaren Roelof Smeenge en Hendrick Vedder, als mombaren over Albertien Vedder, dat Lambert Roelofs van Ruinerwolt door vleierij en misleidingen, het onmondige kind Albertien "trouwe gegeven hadde van 10 ducatons en een gouden hoepe", waartegen de mombers ten zeerste protesteerden, mede door de jeugdige leeftijd van Albertien, die zelf verklaarde er ook spijt van te hebben.
Harmen Jansen Vedder was eigenaar van graf nr 144 in de middelkerk van de Grote Kerk te Steenwijk. Later was het graf van Helena Vedder. Op de zerk stond HYV.
Harmen had regelmatig inkwartiering van soldaten, oa in 1665 een ruiter, 1668 een kwartiermeester en zijn vrouw en in 1673 een ritmeester.
Evenals zijn broer Arent pachtte hij regelmatig land van het Capittel, het Gasthuis en de Stadslanden.
Uit het tweede huwelijk:
   1.  Albertjen Hermens Vedder (zie IV.9).

III.10    dochter Vedder, geb. circa 1633 te Hesselte, overl. voor 1694 te Hesselte, dg. van Jan Hendricks Vedder (zie II.1) en Albertien Jansen.
Tr. kerk circa 1665 Jan Roloff Stevens, landbouwer op Vedder, begr. op 29-10-1721 te Hesselte, zn. van Roelof Jan Stevens.
Uit dit huwelijk:
   1.  Wolter Vedder (zie IV.10).
   2.  dochter Vedder, overl. 1719 te Dwingelo.

Generatie IV

 IV.3    Hendrik Arents Vedder, landbouwer/bakker, geb. circa 1650 te Steenwijk, begr. op 10-08-1733 te Steenwijk.
Zn. van Arent Jansen Vedder (zie III.2) en Annaken/Annegien Hendricks.
Otr. op 24-05-1685 te Steenwijk, tr. kerk op 14-06-1685 te Steenwijk met zijn nicht Albertjen Hermens Vedder (zie IV.9).

In 1679 krijgt Hendrick Arents Vedder het aan de stok met een broodweger over het gewicht van de broden en in 1682 ligt hij in de clinch met Harmen Ketel de pachter van het hoornegelt en gesaey.
1682. Vuurstedegeld. Hendrick Vedder.
In 1686 zijn er problemen met de magistraat over de achterstallige landhuur. In 1687 kopen Hendrick en zijn vrouw een schuyre met een annexe plaets staende in de Achterstraete. In 1688 en 1689 worden er diverse stukken land gekocht.
In 1689 koopt Hendrick het huis "de Roskam' gelegen aan de Oosterstraete. In de periode 1690-1694 zijn er nogal wat kwesties omtrent geldleningen en betalingen.
1694. Zoutgeld/1000e Penning. Hendrick Vedder -1-.
In 1696 eisen Joost Greve, namens Aeltien Vedder, Eva Vedder en Hendrick Vedder een kist met goederen op van de wed. van Hendrick Koerts in Amsterdam waar deze in bewaring was gegeven. De kist was door hun broer Jan uit Oost-Indien meegenomen en men verlangde nu dat de kist naar Steenwijk zou worden gestuurd.
In 1700 verklaart Aeltien Bloemen dat weduwnaar Hendrick Arents Vedder haar trouwbeloften heeft gedaan en dat zij een kind van hem heeft gebaard. Zij eist boven de kraamkosten ook nog 2000 car. gld. Hij ontkent de trouwbeloften, wel geeft hij toe dat hij haar "vleeselijck heeft bekent". Volgens hem vond zij het ook fijn. Van een huwelijk komt het niet, er worden door Hendrick wel kosten vergoed.
1701. Zoutgeld. Hendrick Vedder 1-10-0.
21-11-1700. Geldlening van f 1600,- van Johannes Vedder aan zijn broer Hendrick Vedder. Extract uit het prothocol van acten, versegelingen, testamenten des Scholtampts van Steenwijck, Steenwijckerwold, Scherwold. Den 21 November 1700. Geauth. Richter Gillis van Rander. Ceurn. Albert van Ruinen, Nic. van Rander. Compareert in desen Ed. Gerichte de hr. Hendrick Vedder en bekende van opgenomene en tot genoegen ontfangene penningen oprecht en deugdelijk schuldigh te sijn aan sijn broeder Johannes VEDDER de somma van sestienhondert carolgls capitaal, belovende deselve jaarlijcks en alle jaaren a dato deses te verrenten tegens drie percent, ter tijds toe sat de een off andere losse begerende elcanderen een vierendeel jaars van te voren sal hebben aangecondigt. Stellende daar voor tot een speciaal hypotheque sijn Woltslagh gelegen bij het verlaat alwaar ten Oosten Beerte, ten Westen van der Velde, ten Zuiden 't Diep, ten Noorden de wegh naast aan sijn gelegen, als mede tot een speciaal hypotheque sijn Veenen gelegen achter Zuidveen, voorts sijn persoon en alle andere goederen gene exempel om in cas van wanbetalinge soo capitaal als interesse, cost en schadeloos daar aan te cunnen verhalen als nae lands.
In 1703 eisen de buren van Hendrick dat hij zijn vervallen waterput achter zijn huis de Roskam, waar deze buren het recht van medegebruik op hebben, helpt meebetalen aan de reparatie ervan.
In de volgende jaren eisen veel personen de geldleningen op die Hendrick aangegaan is. Daarom zal waarschijnlijk ook zijn huis de Roskam in 1705 verkocht zijn.
1708. Proces tussen de erfgenamen van Roelof en Jan Smeenge ca Hendrik Arents Vedder; zij eisen betaling van geldsommen met rente en kosten.
In datzelfde jaar ligt zijn dochter Helena in de clinch met haar vader; zij eist de goederen op die ze geerfd heeft van haar moeder. Kort daarop is zij uit huis weggelopen "om met seecker jonghman te kunnen converseren" en verblijft nu elders in Steenwijk. Deze man is overigens haar buurjongen Gelmer Veneman waar zij in dec. 1708 mee zal huwen.
Er blijven veel problemen met Hendrick omtrent geldkwesties. Vervolgens beloofd Hendrick de erfenis aan Helena uit te keren, maar er blijken op deze onroerende goederen hypotheken te rusten, zodat Veneman er niet over kan beschikken.
1710. Proces tussen Margien Roelofs ca Hendrik Vedder. Marregien was jaren de dienstmaagd van Henrick, echter ook zij heeft hij "beswangert". Meerdere jaren is er geprocedeerd over trouwbeloften en vergoedingen. Het kind is kort na de geboorte overleden.
1711/1712. Proces tussen Gelmer Veneman, in huwelijk hebbende Helena Vedder ca Hendrik Arens Vedder nl eis tot ontlasting van een hypotheek door eiser gelegd op goederen aan eisers vrouw toebehorende.
In 1711 zegt Johannes, de broer van Henrick, de hypotheek op en er dreigt gedwongen verkoop. Dit ontaard in een vechtpartij tussen de beide broers, waarbij met een stok is geslagen en een mes is getrokken. Een week later is het weer raak: ze hebben elkander aangetast en de pruycke van het hoofd getrokken.
1712. Proces tussen Hendrik Arents Vedder ca Gelmer Veneman nl eis tot verklaring dat aan gedaagde door eiser een verschuldigde som gelds is afgedaan.
1712/1713. Proces tussen Hendrik Vedder ca Hans Veneman nl eis tot afgifte van kwitantie wegens aan gedaagde door eiser terugbetaalde gelden en ontheffing van het verband op eisers goederen is gegeven.
Vervolgens tot 1724 vinden we in de archieven vele kwesties over geldleningen en schulden. Hendrick had duidelijk zijn financien niet meer op orde!

Uit dit huwelijk:

   1.  Arent Vedder, ged. op 16-03-1686 te Steenwijk, jong ovl te Steenwijk.
   2.  Arent Vedder, ged. op 19-10-1687 te Steenwijk, begr. op 06-02-1707 te Steenwijk op 19-jarige leeftijd.
   3.  Hillene (Helena) Vedder, ged. 9-1689 te Steenwijk, begr. op 04-03-1760 te Steenwijk. Zij doet op 24-04-1707 belijdenis.
Tr. kerk op 23-12-1708 te Steenwijk Gelmer Veneman, 27 jaar oud, koopman/slachter, ged. op 08-05-1681 te Steenwijk, begr. op 28-08-1733 te Steenwijk op 52-jarige leeftijd, zn. van Hans Gelmer Veneman.

Momboirstellinge over Helena Vedders:
Den 16 Marty 1708 hebben de Heeren van de Magistraat op instantelijk versoeck van Helena Vedders oudt nu omtrent negentien jaaren uyt kraght van twee requesten successive daer over gepresenteert en de redenen daer bij geallegeert niet tegenstaende het Geright ten dien door de vader Hendrick Arent Vedder daer tegen als ons geexhibeert als dien daer geaccordeert en toegestaen de momboirstellinge over haer van de inhout van ons stadtrecht over de momberschappen en hebben tot dien eynde tot momboiren over haer aengestelt Jenneke Seltinge en Jacobus Puttel onder voors. pupille saecken nae behoren waar te nemen de goederen door de doodt van haer wijlen moeder Albertien Vedders daer als besteyren ten besten voor haer te matrieren staat en inventaris ten dien opreghte van voorm. Hendrick Ariens Vedder te eyschen met dezelve in der minne off andere scheydinge te onteigen en voorts in alles omtrent dese saecke (en verder niet) te handelen ten meeste dienste en prestige van de pupille voorm. welcke gestelde momboiren in judicio en voor ons erschenen sijnde de voorm. momboirschap hebben geaccepteert met belofte om sigh in dese saecke te quiteren als eerlijk en deughsame momboiren betaamt en de interessen omtrent de meergemelte pupulle in alles delen te observeren en ter meesten oirbaar te dirigeren.
In 1733 verliest Helena haar man maar ook haar vader; zij blijft achter met vele schulden zowel van haar vaders kant als aan haar schoonfamilie. In 1734 trekt Helena met haar dochtertje Albertje Veneman in bij haar ongehuwde neef burg. Arnold Vedder.
1754. Proces tussen Antony Brilman in huwelijk hebbende Albertje Veneman ca Helena Vedder, wed. van Gelmer Veneman nl eis tot overgifte van een obligatie aan eisers echtgenote toebehorende, doch onder gedaagde berustende. Overigens ziet een jaar later Gelmer af van verdere procedures; hij is echter wel teleurgesteld in de houding van burg. Arnold Vedder. Albertje nl had ondanks vele jaren huishouding een oud bedde meegekregen als huwelijksuitzet.
Twee dagen na het overlijden van Helena in 1760 wordt haar in 1756 gemaakte besloten testament geopend; haar dochter Albertje is universeel erfgenaam, maar zij bepaalt dat Arnold Vedder de renten zal genieten van enkele obligaties vanwege het feit dat zij en haar moeder bij hem inwoonden.
 
   4.  Hermen Vedder, ged. op 16-09-1691 te Steenwijk, begr. op 04-10-1691 te Steenwijk, 18 dagen oud.
   5.  een kind Vedder, geb. op 01-10-1692 te Steenwijk, begr. op 02-10-1692 te Steenwijk, 1 dag oud.

IV.4    Johannes/Jan Vedder, burgercoopman, geb. circa 1653 te Steenwijk, overl. op 04-03-1714 te Hoorn, begr. op 08-03-1714 te Grote Kerk te Hoorn, zn. van Arent Jansen Vedder (zie III.2) en Annaken/Annegien Hendricks.
Tr. kerk (1) circa 1685 te Batavia? Echtgenote is Maria Magdalena (van) Steenberch, begr. op 28-09-1699 te Grote Kerk te Hoorn.
Otr. (2) op 13-02-1701 te Steenwijk, tr. kerk op 27-02-1701 te Steenwijk Jacoba Muis, 25 jaar oud, ged. op 07-03-1675 te Steenwijk, overl. op 24-08-1740 te Steenwijk op 65-jarige leeftijd, begr. op 31-08-1740 te Steenwijk. Dg. van Med. Drs. en Burgemeester Jan Muys. Jacoba doet  belijdenis op Kerstdag 1691.

Jan vertrekt in 1678 naar Oost-Indie en hij authoriseert Jochem Ram om voor hem de zaken in Steenwijk waar te nemen. Hij vertrekt voor de rede van Texel met de "Azie", een 1140 tons schip van de VOC voor de Kamer van Amsterdam via Santiago, Kaap de Goede Hoop naar Batavia; aan boord was hij derde barbier.
Waarschijnlijk in 1699 is hij terug gekeerd en blijkt hij in Hoorn aan de Nieuwendam te wonen. Kort daarop laat zijn vrouw, Maria Magdalena Steenbergh sieck te bedde liggende, haar in Batavia opgemaakte testament bevestigen. Zij laat diverse legaten na aan personen te Batavia maar ook 200 gld aan haar zwarte knecht Titus. Snel daarna is zij overleden en begraven in de kerk van Hoorn.
In 1701 vertrekt Jan weer naar Steenwijk alwaar hij een huis huurt van Luitenant Uma.
1701. Zoutgeld. Jannis Vedder 3-0-0.
1-10-1701. Obligatielening Johannes Vedders groot f 3000,-
1701. Proces tussen Dr. Lucas de Caron, secretaris van Steenwijk ca Johannes Vedder nl eis tot aanleggen van een actie wegens injurie (belediging, onrecht).
In 1702 laat Johannes een testament opmaken waarbij eventueel geboren kinderen, bij zijn 2e huisvrouw Jacoba Muys, zijn erfgenamen worden. Vreemd genoeg mag niets van zijn erfenis naar Jacoba of haar familie gaan, ook niet de legitieme portie.
1704. Proces tussen Johannes Vedder ca Luitenant Nicolaus Uma nl eis tot restitutie van geleend geld.
In datzelfde jaar koopt Johannes van Gesina ten Broecke, huisvrouw van Nicolaas Uma, 2 huizen en hof gelegen aan de noordzijde van de Gasthuisstraete.
Eveneens in 1704 pacht Joan voor 8 gld. de visserij op het Nieuwe Diep; zijn schoonvader, burgemeester Joan Muys, is borg.
In 1708 is Joan gekozen tot een van de zes kiesmannen voor de Westerkluft, maar door afwezigheid van hem "als sich excuserende door de swackheyd van sijn voeten dat niet op den raadthuyse soude konnen compareren" is zijn plaats door een ander ingenomen.
In 1710 eist Jacomina van Aelen, sinds Allerheiligen 1709 bij Joan dienende, een half jaar dienstbodengeld, 7 hemden en een paar schoenen met zilveren gespen. Maar Joan beschuldigt haar ervan een uit Indie meegebracht schaaltje van schildpad met gouden kettinkjes te hebben zoekgemaakt.
In 1711 koopt Jan wederom een huis en wel van Nicolaas van der Bruggen en Catharina Uma en wel aan de westzijde van de Onnigerstraat. Echter in datzelfde jaar verhuist de familie weer naar Hoorn alwaar Jan in 1714 overlijdt.
18-6-1715. Acte van authorisatie verleent aan de weduwe van wijlen Jan Vedder (=Jacoba Muis): Verzoekt de vrouw en weduwe van de wijlen Joannes Vedder en haar soon Arnold Vedder eenige pretensien hebben op wijlen Arend Vedder, soo van dat Burgemeesteren, Schepenen en Raet deezen Stad de voogd wed. authoriseeren en accordeeren alle deselve pretensien wegens haar voorm. soon als moeder en voogdesse van deselve met middelen van recht te vorderen, ook procedure voor het Scholten Gericht van Steenwijck geven te leeren afhangende te vervolgen of ter op eerst te doen stellen, ook daar van te ontvangen, daar van te quiteren en voorts omtrent 't den onder te doen off te laten doen als sal oordeelen en goedvinden te behooren. Actum Steenwijck.
Eveneens in 1715 verkoopt Jacoba namens haar minderjarige soontien, het huis, hof en stede in de Gasthuisstraete, bewoond door burg. ten Broecke.
In 1723 gaat de wed. Vedder-Muys en zoon Arnold van Hoorn naar Leeuwarden en in 1734 keren zij terug in Steenwijk. Zij koopt dan in 1737 een huis en stede aan de zuidzijde van de Gasthuisstraete met een hof daarachter.
Uit het tweede huwelijk:
   1.  Arnold Vedder, burgermeester van Steenwijk 1735-1758, ged. op 29-10-1702 te Steenwijk, begr. op 26-09-1779 te Steenwijk op 76-jarige leeftijd. In 1732 doet Arnold belijdenis.

In 1737 en 1741 koopt burg. Arnold Vedder enkele stukken grond.
1748. Volkstelling. Arnold Vedder, wonende in de Gasthuisstrate. Kostgangers: Albertje Veneman en Helena Vedder.
In de zomer van 1748 was het onrustig in Steenwijk. De burgerij kwam onder leiding van Herman Coops Fledderus (die dit uiteindelijk met ophanging moest bekopen), in opstand tegen de 'regeringskliek' en de magistraat (bestuur van de stad) wegens teveel zelfverrijking. Echter Arnold koos de zijde van de burgerij. Hij kon echter alleen weinig uitrichten en legde zijn burgemeesterschap neer. Echter in 1750, werd door tussenkomst van Stadhouder Prins van Oranje, hij weer aangesteld in een nieuw benoemd magistraat.
In 1750 schenkt Arnold aan zijn nicht Helena en haar dochtertje obligaties ter waarde van 6000 gld. en een jaar later koopt hij van de Diaconie een huis in de Woltstraat.
1752. Vuurstedegeld Burg. Arnold Vedder.
In 1752 krijgt Albertje Veneman, op 12-4-1751 gehuwd met Antony Brilman, als huwelijksgeschenk van Arnold een kamer en hof daarachter gelegen staande aan de Vrijthofstege; Albertje ligt op dat moment in het kraambed.
Inv. 3.1.4 Processtukken Staten-Archief:
1752-1754. no 4016. Stukken van het voor Ridderschap en Steden en hun Gecommitteerden gevoerde proces tussen Dr. Jan Cuper, fiscaal van de Drost van Vollenhove en Arnold Vedder, Burgemeester, en Dr. Hilbrand Tuttel secretaris van Steenwijk, beklaagden. Vordering tot surrogatie van een ander gericht dan het Stadsgericht van Steenwijk, wegens weigering om 2 attestaties te beedigen over een door burgemeester Nessink afgegeven geschrift dat vals zou zijn en tot teruggave van die attestaties, door klager in het Stadsgericht overgelegd.
In 1754 verkoopt Arnold zijn huis in de Woltstraate en in 1763 het huis in de Onningerstrate. Een jaar later eveneens verkoop van het huis in de Gasthuisstraete. Arnold had nogal wat onroerend goed want in 1767 verkoopt hij wederom een viertal huizen. In 1769 en 1771 verkoop van diverse stukken grond evenals in 1774 wederom een huis in de Gasthuisstraete.
1774-1775. Archief Heerkens 238.1 no 797.
Verklaring van A. Vedder, oud-burgemeester, dat een obligatie op de provincie Friesland, die hij aan Klaas Otte in pand gegeven heeft, na zijn dood overhandigd dient te worden aan Anthonie Brilman, 1774, waarop een bewijs van ontvangst, afgegeven door Brilman aan Otte, 1775.

IV.9    Albertjen Hermens Vedder, geb. circa 1666 te Steenwijk, overl. op 14-03-1693 te Steenwijk, begr. op 17-03-1693 te Steenwijk. Dg. van Herman Janse Vedder (zie III.6) en Hilletie Roelofs Santing. Albertje doet belijdenis op Kerstmis 1684.
Otr. op 24-05-1685 te Steenwijk, tr. kerk op 14-06-1685 te Steenwijk met haar neef Hendrik Arents Vedder (zie IV.3).
Uit dit huwelijk: 5 kinderen (zie onder IV.3).
 
IV.10    Wolter Vedder, geb. circa 1666 te Hesselte, overl. circa 1714 te Hesselte. Zn. van Jan Roloff Stevens, landbouwer op Vedder, en dochter Vedder (zie III.10). Wolter was van 1711-1714 kerkvoogd. Hij is voor zijn vader overleden en is dus niet eigenaar geweest van de boerderij.
Tr. kerk circa 1702 Marrigien Alberts Rolden, geb. circa 1680, begr. op 19-05-1764 te Havelte, dg. van Albert Jans Rolden van Uffelte. Lidmaat in 1704. Margien hertrouwt in 1726 met wed. Luigien Geerts.

In 1723 verkoopt de wed. Margien Alberts een stukje land aan mr. Wolter Kymmell.
Op 29 meert 1726 wordt er een huwelijkscontract opgemaakt tussen wed. Margien Alberts Rolden en wed. Luigien Geerts wegens het voorgenomen huwelijk:
Ter eeren Godts en tot voortplantinge van het menschelijk geslagte, soo is ten overstaan van wederzijds naaste vrienden en bloetverwanten een eerlijk en christelijk houwlijk besloten en beraamt tusschen Lugien Geerts, wed. van Geertien Jans als brudegom ter eenre en Margien Alberts, wed. van sal. Wolter Jans als bruyd ter andere zijden, mids dat dit voorgenomen houwlijk op een wettige wijse sullen voltrekken en solemniseren, hetwelk geschiet sijnde, sullen gemelde brudegom en bruyd an en bij malkander brengen alle derselver goederen het sij vaste of tilbare om tot gemeen profijt en schade geregeert te worden, winst en verlies staende houwlijk half en half. En is bij het sluyten deses houwlijks tusschen de mombaren over de voorkinderen van bovengemelde bruyd en brudegom gecontraheert dat tot afkoop van de inboel aen de beyde dogters elk sullen geven een bedde met sijn toebehoor en aen de beyde soons daerentegen tesamen een somma van 35 car.gld., benevents derselver bestevaders en vaders klederen altesaam en hebben gemelde brudegom en bruyd daerenboven nog belooft deselve tot Havelte fatsoenlijk leeren en schrijven te sullen laten leeren, dog indien de mombaren de een of ander van haar pupillen buyten dorps mogten willen laten leeren sullen sulks selfs moeten bekostigen. Eyndelijk is nog geconvenieert tusschen de mombaren en gemelde brudegom en bruyd, dat geseyde pupillen in cas van siekte sugt of ongemak altoos bij haer moeder en aenstaende stiefvader vrij sullen mogen tehuys komen en dat sij gedurende de siekte en sugt van deselve sullen moeten worden gealimenteert en onderhouden, dog sal het meesterloon, indien onverhoopt onder meesters handen mogten geraken, bij de pupillen alleen gedragen worden. In waarheyts oirconde is dese bij brudegom en bruyd, mombaren en wederzijts naaste vrienden, nevens mij scholts, eygenhandig getekent. Actum Hesselte.
Uit dit huwelijk:
   1.  Albertje Vedder, geb. circa 1703 te Hesselte, overl. na 1767.
Otr. op 07-03-1731 te Havelte, tr. kerk op 11-03-1731 te Dwingeloo Michiel Hendriks Hofman, 27 jaar oud, ged. op 06-04-1703 te Dwingelo, overl. circa 1784 te Dwingelo.
   2.  Aaltien Vedder, ged. op 18-01-1705 te Havelte, overl. 01-1730 te Dwingelo, begr. op 26-01-1730 te Havelte. Obiit te Dwingelo als j.d. van Hesselte, zijnde gesond uitgegaan en dood weer hier gebracht en begraven.
   3.  Roeleffien Vedder, ged. op 28-03-1706 te Havelte, jong ovl.
   4.  Jan Vedder (zie V.12).
   5.  Albert Vedder, ged. op 26-12-1710 te Havelte, jong ovl.
   6.  Roelof Vedder, ged. op 06-07-1712 te Havelte, begr. op 28-05-1736 te Hesselte op 23-jarige leeftijd.
Zijn nalatenschap, getaxeerd op 500 Car. gld, erven zijn broer Jan en zuster Albertjen.

Generatie V

V.12    Jan Vedder, ged. op 07-05-1709 te Havelte, begr. op 27-04-1774 te Havelte op 64-jarige leeftijd. Zn. van Wolter Vedder (zie IV.10) en Marrigien Alberts Rolden.
Tr. kerk (1) op 31-jarige leeftijd op 28-04-1741 te Havelte met zijn stiefzuster Grietje Luichies, 27 jaar oud, ged. op 01-10-1713 te Ruinen, overl. circa 1750 te Hesselte. Dg. van Luigien Geerts.
Otr. (2) op 21-11-1751 te Havelte, tr. kerk op 42-jarige leeftijd op 05-12-1751 te Havelte Albertien Alberts Santinge, ged. 10-1723 te Dwingelo, begr. op 19-05-1795 te Havelte.
Jan Wolters Vedder was kerkvoogd van 1744 tot 1750. Wolter, het kind uit het eerste huwelijk van Jan krijgt, bij maagscheiding bepaald, 700 car. gld en het boek met zilveren beslag van zijn moeder.
Van 1751 tot zijn dood heeft Jan diverse malen grond gekocht. Van zijn 6 kinderen is uiteindelijk Wolter (uit het 2e huwelijk) de enige die in leven blijft en huwt.
Uit het eerste huwelijk:
   1.  Wolter Vedder, ged. op 29-04-1742 te Havelte, begr. op 06-02-1757 te Havelte op 14-jarige leeftijd.
Uit het tweede huwelijk:
   2.  Margien Santinge, ged. op 23-07-1752 te Havelte, begr. op 03-01-1769 te Havelte op 16-jarige leeftijd.
   3.  Albert Santinge, ged. op 28-10-1753 te Havelte, begr. op 11-05-1774 te Havelte op 20-jarige leeftijd.
Zijn nalatenschap is getaxeerd op 1000 gld.
   4.  Wolter Vedder (zie VI.4).
   5.  Luichje Vedder, ged. op 12-10-1760 te Havelte, begr. op 25-12-1784 te Havelte op 24-jarige leeftijd.
De nalatenschap voor zijn broer Wolter bedroeg 4000 gld.
   6.  Roelof Vedder, ged. op 09-06-1765 te Havelte, begr. op 11-03-1766 te Havelte, 275 dagen oud.

Generatie VI

 VI.4    Wolter Vedder, landbouwer/adjunct-maire, ged. op 30-05-1757 te Havelte, overl. op 17-01-1835 te Havelte op 77-jarige leeftijd. Zn. van Jan Vedder (zie V.12) en Albertien Alberts Santinge.
Otr. op 14-10-1786 te Havelte, tr. kerk op 29-jarige leeftijd op 29-10-1786 te Dwingeloo met zijn achternicht Albertje Alberts ten Heuvel, 25 jaar oud, geb. op 29-01-1761 te Dwingeloo, ged. op 01-02-1761 te Dwingeloo, overl. op 11-11-1825 te Havelte op 64-jarige leeftijd, dg. van Albert Frederiks ten Heuvel en Annegjen Michiels Hofman uit Dwingelo.

Vanaf 1778 koopt Wolter regelmatig grond en venen en in 1791 koopt hij boerderijen te Wapserveen en Diever. In 1813 behoort hij tot de 3 hoogstaangeslagenen in Havelte. In 1833 blijken zijn onroerende goederen, waaronder een 10-tal huizen, bij een akte van scheiding en deling f 71460 waard te zijn.

Uit dit huwelijk:
   1.  Jan Vedder (zie VII.1).
   2.  Albert Vedder, landbouwer, geb. op 22-01-1792 te Hesselte, ged. op 29-01-1792 te Havelte, overl. op 11-10-1875 te Hesselte op 83-jarige leeftijd.
Bij testament dd 15-6-1855 bij notaris Warmold Lunsingh Tonckens legateerde hij aan Wolter en Egbert Vedder (oomzeggers) zijn kleren, kleinodien, goud- en zilverwerken en alles wat verder tot zijn lijfstoebehoren kan behoren.
Tr. op 27-jarige leeftijd op 16-11-1819 te Havelte Roelofje Eppinge, 37 jaar oud, ged. op 12-05-1782 te Havelte, overl. op 20-04-1870 te Havelte op 87-jarige leeftijd. Dg. van Berend Eppinge en Femmetje Jans Santinge.
   3.  Albertje Vedder, ged. op 18-09-1796 te Havelte, overl. op 28-09-1825 te Havelte op 29-jarige leeftijd. Ovl. bij de geboorte van haar 4e kind.
Tr. op 22-jarige leeftijd op 24-04-1819 te Havelte Karst Foppen Benthem/Dedden, 24 jaar oud, landbouwer, geb. op 20-07-1794 te Havelte, overl. op 10-11-1854 te Havelte op 60-jarige leeftijd. Zn. van Foppe Lukas Benthem en Petertjen Karsten.
Karst neemt op 8-5-1826 de geslachtsnaam Dedden aan.

Generatie VII

 VII.1    Jan Vedder, landbouwer/wethouder, geb. op 18-09-1787 te Hesselte, ged. op 23-09-1787 te Havelte, overl. op 04-01-1872 te Hesselte op 84-jarige leeftijd. Zn. van Wolter Vedder (zie VI.4) en Albertje Alberts ten Heuvel.
Tr. op 26-jarige leeftijd op 01-11-1813 te Havelte Annegje Egberts Eisen, 23 jaar oud, geb. op 11-07-1790 te Havelte, overl. op 10-04-1850 te Havelte op 59-jarige leeftijd.
Jan woonde met zijn gezin in de door zijn vader gebouwde boerderij, thans van Helomaweg 27/29.
Uit dit huwelijk:
   1.  Albertje Vedder, geb. op 11-04-1815 te Havelte, overl. op 06-07-1856 te Havelte op 41-jarige leeftijd.
Tr. op 20-jarige leeftijd op 07-11-1835 te Havelte Hendrik Cornelis Borcherts/Borgers, landbouwer, geb. circa 1804 te Havelte. Zn. van Kornelis Hendrik Borcherts en Niesje Jans.
   2.  Geesje Vedder, geb. op 23-02-1817 te Havelte, overl. op 30-05-1875 te Havelte op 58-jarige leeftijd.
Tr. op 21-jarige leeftijd op 22-06-1838 te Havelte Jan Jans Meeuwes, 39 jaar oud, landbouwer, geb. op 25-02-1799 te Havelte, overl. op 31-03-1880 te Havelte op 81-jarige leeftijd. Zn. van Jan Jans Meeuwes en Stijntje Lucas Dedden.
   3.  Annigje Vedder, geb. op 16-05-1819 te Havelte, overl. op 02-08-1887 te Havelte op 68-jarige leeftijd.
Tr. op 18-jarige leeftijd op 27-04-1838 te Havelte Barteld Koops Robaard, 25 jaar oud, geb. op 09-01-1813 te Oosterboer (Meppel), overl. op 18-01-1858 te Havelte op 45-jarige leeftijd. Zn. van Koop Jans Robaard en Roelofje Bartels van Slot.
   4.  Wolter Vedder (zie VIII.7).
   5.  Egbert Vedder (zie VIII.9).

Generatie VIII

 VIII.7    Wolter Vedder, landbouwer/raadslid, geb. op 27-04-1822 te Havelte, overl. op 04-12-1888 te Havelte op 66-jarige leeftijd, zn. van Jan Vedder (zie VII.1) en Annegje Egberts Eisen.
Tr. op 31-jarige leeftijd op 25-02-1854 te Havelte Annegje Kijmmell, 26 jaar oud, geb. op 07-02-1828 te Havelte, overl. op 19-01-1906 te Havelte op 77-jarige leeftijd.
Uit dit huwelijk:
   1.  Annegje Vedder, geb. op 25-04-1854 te Havelte, overl. op 01-03-1866 te Havelte op 11-jarige leeftijd.
   2.  Roelofje Vedder, geb. op 26-12-1858 te Havelte, overl. op 31-03-1940 te Havelte op 81-jarige leeftijd. Roelofje bleef in de ouderlijke woning wonen. Zij had voor haar huwelijk een mooie jurk laten maken, maar toen het op de huwelijksdag regende, vond zij het jammer die jurk aan te doen. Ze is in een oude jurk getrouwd. Zij woonde 's zomers overdag in het "ovenhuis" en ging 's avonds in het grote huis slapen.
Tr. op 35-jarige leeftijd op 18-05-1894 te Havelte Jan Meeuwes, 37 jaar oud, geb. op 27-11-1856 te Havelte, overl. op 05-12-1909 te Havelte op 53-jarige leeftijd. Zn. van Meeuwes Meeuwes en Jentje Jans; Jan leed aan epilepsie en is daardoor verdronken bij het aanleggen van een duiker.

VIII.9    Egbert Vedder, landbouwer, geb. op 26-10-1827 te Havelte, overl. op 12-01-1916 te Broekhuizen (Ruinerwold) op 88-jarige leeftijd. Zn. van Jan Vedder (zie VII.1) en Annegje Egberts Eisen. In 1862 wordt Egbert tot diaken gekozen en is in 1875 gekozen in het kiescollege en in 1879 afgetreden. Nadat hij later nog enkele jaren ouderling is geweest, werd hij dement.
Tr. op 31-jarige leeftijd op 23-04-1859 te Ruinerwold Margje Willems Hooyer, 28 jaar oud, geb. op 13-03-1831 te Broekhuizen, overl. op 30-04-1901 te Broekhuizen op 70-jarige leeftijd. Dg. van Willem Jakobs Hooyer en Aaltje Roelofs.
Uit dit huwelijk:
   1.  Aaltje Vedder, geb. op 07-09-1862 te Broekhuizen, overl. op 23-10-1923 te Blijdenstein op 61-jarige leeftijd.
Tr. op 23-jarige leeftijd op 01-05-1886 te Ruinerwold Roelof Rumpt, 31 jaar oud, geb. op 08-08-1854 te Oosteinde (Ruinerwold), overl. op 09-08-1910 te Blijdenstein op 56-jarige leeftijd.
   2.  Jan Vedder (zie IX.6).
   3.  Annigje Vedder, geb. op 03-08-1868 te Broekhuizen, overl. op 31-08-1953 te Broekhuizen op 85-jarige leeftijd. Annigje is in haar geboortehuis blijven wonen.
Tr. op 25-jarige leeftijd op 18-05-1894 te Ruinerwold Jan van Dijk, 24 jaar oud, geb. op 18-12-1869 te Ruinerwold, overl. op 18-12-1958 te Broekhuizen op 89-jarige leeftijd.

Generatie IX

 IX.6    Jan Vedder, landbouwer, geb. op 20-01-1865 te Broekhuizen, overl. op 04-10-1948 te Broekhuizen op 83-jarige leeftijd.  Zn. van Egbert Vedder (zie VIII.9) en Margje Willems Hooyer. Jan is in 1906 gekozen tot bestuurslid van de fokvereniging en benoemd tot opperbrandmeester te Broekhuizen. In 1913 tot zetter voor Rijks Directe Belastingen te Ruinerwold en in 1917 tot lid van de prov. regelingscommissie voor de paarden fokkerij te Drente.
Tr. op 24-jarige leeftijd op 01-06-1889 te Ruinerwold Geesje Groenewold, 21 jaar oud, geb. op 26-06-1867 te Kralo, overl. op 17-05-1928 te Broekhuizen op 60-jarige leeftijd. Ovl. op Hemelvaartsdag aan een hartaanval.
Uit dit huwelijk:
   1.  Margje Vedder, geb. op 02-02-1891 te Kralo, overl. op 12-06-1960 te Coevorden op 69-jarige leeftijd.
Tr. op 21-jarige leeftijd op 26-04-1912 te Ruinerwold Jan Pouwels Pol, 23 jaar oud, landbouwer, geb. op 29-04-1888, overl. op 07-11-1919 op 31-jarige leeftijd. Zn. van Albert Pol en Geesje Luten.
   2.  Willem Groenewold Vedder (zie X.3).
   3.  Egbert Vedder, geb. op 03-09-1895 te Kralo, overl. op 28-05-1899 te Broekhuizen op 3-jarige leeftijd. Ovl. aan meningitis.
   4.  Albertus Vedder (zie X.6).
   5.  Egbert Vedder (zie X.8).
   6.  Pieter Aalt Vedder (zie X.10).

Generatie X

 X.3    Willem Groenewold Vedder, landbouwer op erve Boterkamp, geb. op 29-11-1892 te Kralo (Ruinerwold), overl. op 13-08-1962 te Broekhuizen op 69-jarige leeftijd. Bij K.B. van 21-3-1894 is de naam Groenewold toegevoegd. Zn. van Jan Vedder (zie IX.6) en Geesje Groenewold.
Tr. op 29-jarige leeftijd op 28-04-1922 te De Wijk Roelofje Stapel, 27 jaar oud, geb. op 08-03-1895 te Bloemberg (Zuidwolde), overl. op 03-03-1981 te Bennekom op 85-jarige leeftijd.
Uit dit huwelijk:
   1.  Geesje Groenewold Vedder, landb.Ir./lerares, geb. op 10-07-1924 te Ruinerwold, overl. op 20-09-2003 te Wageningen op 79-jarige leeftijd.
Tr. op 23-jarige leeftijd op 06-07-1948 te Ruinerwold Pieter Buringh, 29 jaar oud, hoogleraar Landb. Universiteit, geb. op 13-08-1918 te Blijham.
   2.  Grietje Groenewold Vedder, geb. op 15-04-1926 te Ruinerwold.
Tr. op 23-jarige leeftijd op 03-05-1949 Johan Frederik ter Haar, 26 jaar oud, landbouwer te Haakswold, geb. op 20-10-1922 te Ruinerwold.

X.6    Albertus Vedder, leraar/Ir.-rijkslandbouwconsulent Drente, Officier in de Orde van Oranje-Nassau, geb. op 09-10-1897 te Kralo, overl. op 14-03-1977 te Assen op 79-jarige leeftijd, zn. van Jan Vedder (zie IX.6) en Geesje Groenewold.
Tr. op 30-jarige leeftijd op 25-04-1928 te De Wijk Roelofje Stapel, 24 jaar oud, geb. op 17-12-1903 te Lankhorst (Staphorst), overl. op 08-02-1965 te Assen op 61-jarige leeftijd. Dg. van landbouwer Koob Stapel en Roelofje Weide.
Uit dit huwelijk:
   1.  Roelientje Vedder, lerares, geb. op 19-02-1929 te Emmen.
Tr. circa 1952 Hijlco Span, dierenarts te Velp, geb. op 22-08-1926 te Schagen.
   2.  Jan Vedder (zie XI.7).

X.8    Egbert Vedder, landbouwer te Oosterboer, later Kralo, geb. op 03-06-1901 te Broekhuizen, ovl. op 25-08-1989, zn. van Jan Vedder (zie IX.6) en Geesje Groenewold.
Tr. op 27-jarige leeftijd op 26-04-1929 te De Wijk Hendrikje Stapel, 27 jaar oud, geb. op 13-02-1902 te De Stapel (De Wijk), overl. op 23-04-1991 te Ruinerwold op 89-jarige leeftijd. Dg. van landbouwer Willem Stapel en Grietje Schoonvelde.
Uit dit huwelijk:
   1.  Jan Vedder, architect, geb. op 27-06-1930 te Oosterboer (Meppel).
Tr. op 29-jarige leeftijd op 30-09-1959 te Hilversum J.M. (Jo) Bke, 33 jaar oud, geb. op 10-11-1925 te Amsterdam.
   2.  Willem Vedder (zie XI.11).

X.10    Pieter Aalt Vedder, landbouwer, geb. op 10-09-1907 te Broekhuizen, ovl. op 24-08-1998 te Ruinerwold. Pieter bleef de ouderlijke boerderij bewonen. Zn. van Jan Vedder (zie IX.6) en Geesje Groenewold.
Tr. op 23-jarige leeftijd op 24-04-1931 te Giethoorn Roelofje Vos, 24 jaar oud, geb. op 03-10-1906 te Giethoorn, overl. op 13-05-1959 te Broekhuizen op 52-jarige leeftijd.
Uit dit huwelijk:
   1.  Jan Vedder (zie XI.13).
   2.  Jan Koop Vedder (zie XI.15).
   3.  Margje Geesje (Marry) Vedder, geb. op 18-11-1944 te Broekhuizen.
Tr. op 22-jarige leeftijd op 29-12-1966 te Ruinerwold Jan Lute Gorte, 28 jaar oud, landbouwer, geb. op 26-01-1938 te Giethoorn.
   4.  Geesje Vedder, lerares, geb. op 10-08-1946 te Broekhuizen.
Tr. op 19-jarige leeftijd op 15-04-1966 te Ruinerwold Jacques Pieter Gaakeer.

Generatie XI

 XI.7    Jan Vedder, landbouwer, geb. op 04-08-1931 te Emmen, zn. van Albertus Vedder (zie X.6) en Roelofje Stapel.
Tr. op 26-jarige leeftijd op 01-08-1958 Geziena Benak, 26 jaar oud, geb. op 09-02-1932 te Kralo, overl. op 30-11-1997 te Ruinerwold op 65-jarige leeftijd.
Uit dit huwelijk:
   1.  Albertus Vedder (zie XII.1).
   2.  Roelof Vedder, geb. op 10-02-1964 te Staphorst.

XI.11    Willem Vedder, landbouwer, geb. op 15-02-1935 te Oosterboer (Meppel), zn. van Egbert Vedder (zie X.8) en Hendrikje Stapel.
Tr. op 27-jarige leeftijd op 14-09-1962 te Staphorst Jannie ter Haar, 28 jaar oud, lerares, geb. op 08-02-1934 te IJhorst, overl. op 08-08-1990 te Ruinerwold op 56-jarige leeftijd.
Uit dit huwelijk:
   1.  Egbert Wouter (Bert) Vedder, landbouwer, geb. op 03-04-1964 te Kralo. Trouwt 21-04-1995 te Ruinerwold met Anneke Tijmes.
Uit dit huwelijk:
1. Nienke Anne Vedder, geb. op 17-10-1996 te Ruinerwold.
2. Jos Willem Vedder, geb. op 21-01-1999 te Ruinerwold.
   2.  Klaziena Hennie (Ina) Vedder, verpleegkundige, geb. op 29-06-1965 te Kralo. Trouwt met Harry NN.

XI.13    Jan Vedder, landbouwer, geb. op 24-11-1932 te Broekhuizen (Ruinerwold), zn. van Pieter Aalt Vedder (zie X.10) en Roelofje Vos.
Tr. op 27-jarige leeftijd op 20-07-1960 te Ruinerwold Margje Remmelts, 23 jaar oud, geb. op 04-06-1937 te Ruinerwold.
Uit dit huwelijk:
   1.  Pieter Aalt Vedder, geb. op 21-11-1961 te Broekhuizen.
   2.  Hilligje Roelofje (Hilga) Vedder, geb. op 15-02-1966 te Broekhuizen. Trouwt 16-08-1997 te Ruinerwold met Maarten van Meerwijk.
   3.  Albert Geert Vedder, geb. op 20-05-1971 te Meppel.

XI.15    Jan Koop Vedder, leraar MTS, geb. op 24-12-1936 te Broekhuizen, zn. van Pieter Aalt Vedder (zie X.10) en Roelofje Vos.
Tr. op 25-jarige leeftijd op 27-09-1962 te Havelte Geertruida Clara (Trudy) Hoppe, 26 jaar oud, geb. op 28-11-1935 te Medan.
Uit dit huwelijk:
   1.  Adriaan Wim Vedder, geb. op 30-03-1963 te Uffelte, overl. op 31-03-1963, 1 dag oud.
   2.  Edwin Vedder, geb. op 19-06-1965 te Tiel. Trouwt met Sylvia NN.
   3.  Peter Vedder, geb. op 25-10-1967 te Bussum. Trouwt met Yolanda NN.
Kind uit dit huwelijk:
Jimmy Vedder.
   4.  Ronald Vedder, geb. op 28-02-1969 te Hilversum.

Generatie XII

 XII.1    Albertus (Bertus) Vedder, landbouwer, geb. op 29-12-1959 te Staphorst, zn. van Jan Vedder (zie XI.7) en Geziena Benak.
Tr. op 25-jarige leeftijd op 13-09-1985 te Staphorst Elisabeth (Liesbeth) Vogelzang, 23 jaar oud, geb. op 28-01-1962 te Staphorst.
Uit dit huwelijk:
   1.  Ilse Vedder, geb. op 25-04-1988 te Staphorst.
   2.  Niek Vedder, geb. 30-04-1990 te Staphorst.


gemaakt met PRO-GEN 'Genealogie la Carte' software